Rondreizend koppel doet Sint-Michielsgestel aan: ‘Vrijheid zit van binnen’

SINT-MICHIELSGESTEL – Vrijheid, dat zit vooral van binnen. Ook toen ze nog een vaste baan hadden, voelden Ruud en Sonja (beiden 71) uit Haaren zich best vrij. Maar tegenwoordig leiden ze in de lente- en zomermaanden een wel heel bijzonder leven. Ze trekken met hun tot woonwagen omgebouwde huifkar door Nederland. En vaak strijken ze in het begin en aan het eind van hun tocht ook even in Sint-Michielsgestel neer. Vrijdag waren ze er weer even.

Het is niet eens zo’n heel opvallend plekje, tegenover het Petrus Dondersplein aan de Dommel. Bella, het muildier (moeder een paard, vader een ezel) staat aan een paal bij het water. In een kooi voor op de wagen zit kip Truus, hond Robbie loopt rond de huifkar te snuffelen. Ruud en Sonja rommelen wat in hun wagen.
De twee zijn net begonnen aan een nieuw seizoen en wel in voor een praatje. Ruud zal een maand of vijf door Nederland trekken, naar plekken waar het toeval hem brengt. Sonja is beeldhouwster, ze gaat afwisselend een paar weken mee en een paar weken aan het werk. Een echt plan heeft het stel niet, al denkt Ruud eraan langs de Duitse grens omhoog te trekken. Misschien rijdt hij straks wel door naar Halder, waar de voorjaarsfeesten op het programma staan. Altijd over kleine binnendoorweggetjes, om het verkeer zo weinig mogelijk te hinderen. Want in feite is Nederland niet meer ingericht op dit soort verkeer. In totaal legt hij in een jaar zo’n 1500 kilometer af, voor hij weer in Haaren is. Waar hij overwintert in een zomerhuisje.
Ruud wilde al een jaar of veertig een trekkend leven leiden. Hij is daarbij, net als Sonja, geïnspireerd door de Roma en de Sinti. Zeker sinds ze naar Saintes-Maries-de-la-Mer op bedevaart bij Sara gingen, voelen ze zich door hun leefwijze aangetrokken. Mensen uit die bevolkingsgroep komen ook vaak even bij het stel kijken. “En het is wel eens gebeurd dat ze in huilen uitbarstten. Omdat hun opa’s en oma’s net zo leefden als wij nu, maar zij dat zelf niet meer kunnen.”
Vrijdagochtend is het rustig bij de huifkar, maar vaak trekt het koppel het nodige bekijks. “Onderweg ontmoet je bijna alleen leuke mensen. Vooral kinderen genieten van ons. Die vragen hoe het gaat als ik naar de wc moet. Dan zeg ik dat ik een schepje heb en een kuiltje graaf. En dat ik een teil heb waar ik ’s morgens mijn gezicht kan wassen. Gisteren nog kwamen er twee meisjes kijken. Ik vertelde dat ik haardhout nodig had. ’s Avonds kwamen de ouders ineens op de koffie. Met een zak hout. Soms ook staan mensen op dertig meter naar de kar te kijken. Dan trekken ze de stoute schoenen aan en vragen of ze dichterbij mogen komen. Dat doen ze dan en ze beginnen spontaan hun hele levensverhaal te vertellen. ‘’t Is wat’, zeg ik als ze klaar zijn. Want het is hartstikke leuk dat allemaal te horen, maar ik kan er niks mee.”
Wat de twee doen is in feite wild kamperen. In Nederland mag dat niet. “Maar waar kan ik terecht? Campings willen me niet, met onze beesten. Op een camperplek mag ik misschien wel staan, maar daar is het weer verhard. Nou ja, ik ben ervan overtuigd dat negen van de tien boeren het goed zouden vinden als ik bij hen neerstreek. Maar dat wil ik dan weer niet. Ik denk dat de politie ons wel elke twee dagen komt bezoeken. Als ze zien wie we zijn en hoe we ons gedragen, komt het meestal goed.” Naar eigen zeggen is Ruud maar één keer op de bon geslingerd.
Sinds hij met zijn zelfgebouwde huifkar rondtrekt, is hij Nederland veel meer gaan waarderen. “In je campertje blaas je overal maar langs. Nu gaat het stapvoets, ik loop vaak naast Bella. Dan neem ik de omgeving veel beter in me op. En valt op hoe mooi Nederland eigenlijk is.”

 

‘Mensen vertellen spontaan hun levensverhaal’

 

Foto's:


0