Klets van ons Eigen

Voor de tweede keer ging ik mee met een Ladies Only Trip. Vorig jaar naar Marrakech, dit jaar naar Sevilla. Gelukkig was het daar dit jaar nog niet zo koud geweest.

Jaren geleden hoopte ik dat ik een wereldreiziger zou worden. Op mijn vijftiende bezocht ik Florida, samen met mijn ouders en ik was blij dat ik een werelddeel af kon vinken. Aan de andere kant maakte ik toen ook nog salto’s achterover op de duikplank. En dat durf ik nu niet meer.
Vliegen is ook iets wat ik inmiddels eng ben gaan vinden. Het is niet zo zeer de angst dat we neerstorten, maar wel het feit dat ik vast zit. Dat ik er niet uit kan. En dat ik met allerlei andere mensen in één ruimte zit. Ik houd niet zo van heel veel mensen in één ruimte. Ik houd niet zo van luchtjes, van ademgeuren en van rondvliegend speeksel.

Maar ja, het is wel de snelste manier om ergens te komen en als je een weekendje weg wilt, bijvoorbeeld naar Sevilla, kun je maar beter het vliegtuig nemen. Om mijn stress tegen te gaan, eet ik gewoon non-stop. Snoep, chips, pinda’s, sandwiches, koekjes en broodjes bijvoorbeeld. Tot ik misselijk ben en zelfs dan stop ik niet. Twee uur in een vliegtuig is dan nog wel te doen. Vier uur zelfs ook nog wel – al is het ongeveer wel de max.

De zee over naar de Verenigde Staten is iets wat ik in mijn hoofd niet meer voorbereid krijg. Slapen in een vliegtuig lukt me namelijk al helemaal niet – en dat is nou net de enige manier om je niet constant bewust te zijn van het feit dat je op hoge hoogte met allerlei andere mensen in een gesloten ruimte zit.

Op huwelijksreis gingen we naar Bali. Waarom? Omdat toen iederéén naar Bali ging. De enige conclusie die ik toen kon trekken was dat ik liever in Europa vertoef. Een echte wereldreiziger zal ik dan ook nooit worden.

Gelukkig ligt Sevilla in Spanje. En is het 2,5 uur vliegen. Behoorlijk misselijk kwamen we nog voor het middaguur aan. In drie dagen haalden we er alles uit wat erin zat. Van kerken en kathedralen, van musea tot een flamecoshow, van leuke, kleine wijkjes tot aan de grote winkelstraat. En natuurlijk hebben we heerlijk, maar dan ook heerlijk gegeten. Wat denk je van een biefstukje met gekarameliseerde uien in Pedro Ximenez? Echt, om je vingers bij af te likken.
Het was heerlijk. Het was brullen van het lachen. Het was je onderdompelen in die heerlijke Spaanse cultuur. En het was ijskoud. Met een hempje, een blouse, een trui, een vest én een jas (al was het weliswaar een tussenjas), was het nog bibberen. Af en toe kwam de zon door en laafden we ons aan de warme stralen om vervolgens in de regen weer de rest van de dag door te glibberen.

Was dat jammer? Nee, natuurlijk niet. Op zo’n moment ga je niet zeiken over het weer. Je schuilt gewoon af en toe in een winkel als het hard regent en onweert. En lunchen kon tenslotte ook onder de warmtelampen, onder de overkapping. Maar maandag, toen het hier zo warm was, ben ik in de zon gaan zitten. Ondanks het vele werk dat op me lag te wachten. En pas sinds gistermiddag heb ik het eigenlijk pas weer warm. Gelukkig schijnt de zon inmiddels weer volop in Sevilla.

Groetjes Sophie

Foto's:


0